VVM logo nieuw 150x150

netwerk van milieuprofessionals

 
Bezoek ons op: 

 

 

 

 

 

 

Ecomodernisme – geen beschaafd milieubesef

Geplaatst op 24-05-2017  -  Categorie: Algemeen  -  Auteur: Egbert Tellegen

VVM-lid Egbert Tellegen recenseert het boek Ecomodernisme. Het nieuwe denken over groen en groei door Marco Visscher, Ralf Bodelier e.a. Uitgeverij Nieuw Amsterdam. 2017. 304 pagina’s.

 

Er wordt wel eens een onderscheid gemaakt tussen ‘romantisch’ en ‘beschaafd’ milieubesef. Onder het eerste wordt dan een verlangen naar de ongerepte natuur en kleinschalige samenlevingsvormen van vroeger verstaan. Met het tweede wordt het zoveel mogelijk gebruik maken van bestaande en nog te ontwikkelen technieken en organisatievormen van moderne samenlevingen om de natuur te beschermen bedoeld. Ecomodernisme is de zoveelste variant van wat als ‘beschaafd’ milieubesef wordt aangeduid.

 In 2015 is door een internationaal gezelschap van 18 onder andere aan universiteiten verbonden milieudeskundigen het ‘Ecomodernistisch manifest’ gepubliceerd. Er waren geen Nederlanders onder de ondertekenaars, maar nu is er een heel boek over ecomodernisme van verschillende Nederlandse auteurs verschenen. In dit, achterin het boek opgenomen, manifest wordt geschreven dat het oude ideaal dat de mensheid haar impact op het milieu moet verkleinen wordt onderschreven, maar dat het ideaal van in harmonie met de natuur leven om een economische en ecologische ineenstorting te vermijden wordt verworpen. Er moet gestreefd worden naar een absolute ontkoppeling van ‘menselijk welzijn’ en ‘milieuimpact’. In plaats van een terug naar de natuur moet worden gestreefd naar een scheiding van door mensen gemaakte omgevingen en ongerepte natuur waar mensen zich niet mee bemoeien. Daarom is leven in dichtbevolkte steden beter dan verblijven op het dunbevolkte platteland en intensieve landbouw met een gering ruimtebeslag beter dan biologische landbouw die veel meer hectares kost.

 Deze gedachtegang is niet nieuw maar wel het opnieuw overwegen waard. En ze is in het genoemde manifest en in de inleiding van het boek op een boeiende manier uitgewerkt. Dat kan echter niet gezegd worden over de verschillende hoofdstukken van het boek. Die zijn achtereenvolgens aan de thema’s Energie, Landbouw en voeding, Natuur en Armoede en ontwikkeling gewijd. Binnen die vier thema’s worden in aparte paragrafen verschillende deelonderwerpen besproken. De teksten van die vier onderdelen van het boek zitten vol absurde passages en onderlinge tegenstrijdigheden. Zo begint het deel over energie met de volgende passage: ‘Uitbundige, goedkope energie bracht ons vooruitgang. Het is immoreel om te pleiten voor besparing en vergaande CO2-reductie’ (p. 19). Na de lofzang op fossiele energie in de voorafgaande bladzijden staat er zo maar opeens in de tekst de zin: ‘Want ook ecomodernisten willen uiteindelijk naar een decarbonisering van de economie’ (p.32). In het boek wordt ontkend dat bevolkingsgroei een probleem is, maar dat gebeurt afwisselend met het argument dat de bevolking nauwelijks groeit of zal blijven groeien en dat uitbundige groei helemaal niet erg is. Over grondstoffen wordt afwisselend beweerd dat ze onuitputtelijk zijn en dat er geen uitputting optreedt omdat het gebruik wordt beperkt en op andere grondstoffen wordt overgeschakeld. 

Hiervoor plaatste ik ‘romantisch’ en ‘beschaafd’ milieubesef tegenover elkaar. Beschaving duidt zowel de verworvenheden van moderne wetenschap en techniek,  waarvan ecomodernisten terecht nog veel verwachten, als terughoudendheid en geen aanstoot aan het andere en de anderen geven aan. Ouders weten dat ze in het contact met kinderen soms iets moeten doen en soms iets achterwege moeten laten. Artsen doen dat ook in het contact met hun patiënten en docenten in het contact met hun leerlingen. Uit eigen ervaring weet ik dat ook ondernemers soms professionaliteit voor profijt laten gaan en mij afraden iets aan te schaffen waaraan zij geld zouden kunnen verdienen. Alles wat er tegenwoordig aan nieuwe initiatieven ontstaat om - naast winstmaximalisatie door groeiende productie of dienstverlening  bij het ondernemen andere doelstellingen na te streven -  is aan de auteurs volkomen voorbijgegaan. Men kan ze dan ook een gebrek aan beschaving verwijten.